Joop Akker

“Mijn schapen luisteren naar mijn stem, ik ken ze en ze volgen mij.” - Johannes 10:27

Veel christenen, Joodse en niet-Joodse, verlangen ernaar Jezus te volgen. Maar hoe ziet dat er in het dagelijks leven uit? Tot mijn verrassing ontdekte ik dat het volgen van Jezus minder ingewikkeld en leuker is dan ik dacht.

Samenvatting

Jezus volgen betekent in de eerste plaats Gods wil zoeken en doen, net als Jezus. Wél is het belangrijk om te beseffen dat tegenkrachten ons regelmatig een doodlopende weg willen doen inslaan.
Maar de Heilige Geest wil ons bijstaan, en de Schrift, het gebed, medemensen en de natuur zijn onze leraren. Het gebod om God en de naaste lief te hebben is daarbij steeds vertrek- en eindpunt.

Leven door de Geest

Andrew Murray stelt in zijn boek ‘Als Jezus’ dat wie wil leven en wandelen als Jezus, moet beginnen bij de Heilige Geest. Als Jezus zijn openbare optreden niet eerder begon dan nadat de Heilige Geest op Hem was neergedaald, hoeveel te meer hebben wíj de Geest nodig om God te kunnen dienen? De oproep aan de christenen in Galatië om niet de begeerten van het vlees te volgen, maar door de Geest te wandelen, geldt ook ons! De menselijke natuur is niet veranderd. Ook wíj kennen de strijd die Paulus beschrijft: wat wíj van nature willen gaat in tegen wat de Geest van ons verlangt! - Gal. 5:16-19

Jezus volgen in Zijn omgaan met verzoekingen

Wie door de Geest wil leven, zal ook ervaren dat hij op de proef wordt gesteld. Als zelfs Jezus op de proef werd gesteld, is het niet vreemd dat dat ook ons overkomt (Hebr. 4:15).
We kunnen veel leren van Jezus hoe Hij standhield toen Hij door de duivel verzocht werd nadat Hij veertig dagen niet had gegeten of gedronken. Hij bleef staande dankzij Zijn grondige kennis van de Schrift die Hij voortdurend citeerde.
Op dezelfde manier mogen wij “het zwaard van de Geest, dat is het Woord van God”, ter hand nemen om stand te houden tegen de “listige verleidingen van de duivel”, die ook ons probeert af te houden van het leven volgens Gods bedoeling. - Efeze 6:17 en 11

Jezus volgen in het doen van Gods wil

Wie Jezus na wil volgen, zoekt, boven alles, Gods wil te doen. Dat was ook de reden dat Jezus op aarde was gekomen. Zelf zei Hij daarover: “Ik ben uit de hemel neergedaald, niet opdat ik mijn wil zou doen, maar de wil van Hem die mij gezonden heeft. - Joh. 6:38, vgl. 5:30
Zelfs in Getsemane bad Hij: “Niet mijn wil, maar Uw wil geschiede.”
Jezus verwacht van degenen die bij Hem horen hetzelfde: “Want ieder die de wil doet van mijn Vader, die in de hemelen is, die is mijn broeder, en zuster, en moeder.” - Mattheüs 12:50, vgl. 7:21

Het doen van Gods wil, te hoog gegrepen en vreugdeloos?

Is het doen van Gods wil voor de mens, die van nature op zichzelf is gericht, niet te hoog gegrepen, of zelfs aanmatigend en misschien ook een vreugdeloos streven?
Wie door de Geest wandelt, hoeft het doen van Gods wil niet als een onhaalbaar ideaal te beschouwen. God zelf werkt immers in ons zowel het willen als het werken, naar Zijn welbehagen (Filippenzen 2:13). Maar dan is er ook geen plaats voor zelfverheffing, eerder voor dankbaarheid.
Wanneer we bedenken dat het de Heere God vreugde (‘welbehagen’, zie hierboven) verschaft als Hij in ons het goede mag uitwerken, kan dat voor ons ook reden tot vreugde zijn. Welk kind is er niet blij wanneer zijn ouders blij zijn?
Ook het doen zelf maakt blij volgens Johannes 15:10-12: Als we Jezus' gebod om elkaar lief te hebben bewaren, verschaft dit Jezus vreugde en wordt ónze blijdschap volkomen.

Jezus volgen in het kennen van Gods wil

Het feit dat het leven volgens Gods bedoeling de essentie is van het volgen van Jezus betekent niet dat we ons voortdurend moeten afvragen of we Gods weg nog bewandelen. In principe mogen we erop vertrouwen dat, wanneer er vrede heerst in ons gevoel en verstand, de Heilige Geest ons leidt.
Maar dit betekent ook weer niet dat we ons nooit afvragen wat God wil dat we doen. Jezus deed dat heel regelmatig en leerde Gods weg op verschillende manieren kennen:
De Schrift was misschien wel Jezus' belangrijkste leidraad: “Ik ben gekomen om de Wet en de Profeten te vervullen.” Matth. 5:17
Dat Jezus wat wij nu het Oude Testament noemen door en door kende, blijkt wanneer je de Bijbel bestudeert. Die kennis gebruikte Hij om te kunnen volbrengen waartoe Hij in de wereld gekomen was. Dat geldt bij uitstek voor zijn lijden en sterven, zoals we kunnen lezen in de geschiedenis van de Emmaüsgangers: “En Hij begon bij Mozes en bij al de profeten en legde hen uit wat in al de Schriften betrekking op hem had.” - Lucas 24: 27


Hoewel onze levenstaak - gelukkig - verschilt van die van Jezus, kunnen ook wij niet zonder de Bijbel wanneer we willen doen wat God behaagt. “Want heel de Schrift is nuttig om ons op te voeden in de rechtvaardigheid, zodat we tot elk goed werk volkomen toegerust worden.” - 2 Tim. 3:16-17


Omdat Hij het de Vader had zien doen: “Voorwaar, ik zeg u: De Zoon kan niets van zichzelf doen, als Hij dat de Vader niet ziet doen; want alles wat Die doet, dat doet ook de Zoon op dezelfde wijze.” - Joh. 5:19, vgl. 8:28 en 12:49-50
Hoe moeten we ons voorstellen dat Jezus de Vader zag handelen? We kunnen hierbij bijvoorbeeld denken aan Jezus' waarneming dat Zijn Vader Zijn zon laat opgaan over slechte en goede mensen en het laat regenen over rechtvaardigen en onrechtvaardigen (Mattheüs 5:45). Hij roept zijn gehoor - en ook ons - op om op dezelfde manier te handelen en onze vijanden lief te hebben en voor hen te bidden.
Jezus ontving ook door rechtstreekse openbaring inzicht in de weg die Hij moest gaan. Ook vandaag geeft God soms bijzondere openbaringen aan (toekomstige) Messiasbelijders. Deze persoonlijke openbaringen laat ik verder buiten beschouwing.

Inzicht door het gebed, medemensen en de natuur

Het gebed: Voor volgelingen van Jezus is het gebed een andere, belangrijke, manier om Gods wil in bepaalde situaties te ontdekken. De apostelen gingen bijvoorbeeld bidden om Gods leiding toen de lege plaats in de kring van de apostelen moest worden opgevuld.
Belangrijk in dit verband is de aansporing van Jacobus (1:5) om God om wijsheid te bidden. Het is goed om ons hierbij te realiseren dat het bij ‘wijsheid’ in de Bijbel niet zozeer gaat om levenswijsheid maar om wijsheid bij het dienen van God.
Tenslotte wijzen medeschepselen ons ook vaak de weg: onze partner, vrienden, collega’s, en kinderen - in hun nederigheid en vertrouwen op hun ouders. Zelfs van de zorgeloze vogels en de lelies op het veld kunnen we veel leren.

Dit artikel is afkomstig uit het maandblad Hadderech van juli/augustus 2026