Keppel
Revd. Ernest H. Cassuto

De zonde van het antisemitisme is zo oud als het Joodse volk zelf. De hele geschiedenis door is deze het symbool geweest van de strijd tussen God en satan, goed en kwaad, licht en duisternis. Satan is de grote vijand van God en zijn haat tegen de levende God komt tot uitdrukking in zijn haat tegen de Joden. Uit hen immers trad redding de wereld binnen en kwam Jezus voort. En ook het toekomstig heil ontspruit uit Israël. De Messias zelf zegt: “Het heil is uit de Joden (Joh. 4:22).” Daarom moet antisemitisme opgevat worden als verzet tegen Gods heilsplan.

Citaten

Als de critici die stellen dat weinig dat aan de Messias wordt toegeschreven echt van hem is gelijk hebben, hoe kan dan zo’n zwakke Jezus de belangrijkste beweging van de mensheid voortgebracht hebben?


(Dr. Alfred Ederheim, Joods-christelijke 19e eeuwse geleerde)