Richard Harvey

Richard Harvey

Hoe denken Messiasbelijdende Joden over het vieren van de sjabbat? Dat is een van de vragen die Richard Harvey behandelt in het hoofdstuk ‘De Thora in de praktijk’ van zijn dissertatie. Diverse toonaangevende denkers passeren de revue. Hun opvattingen blijken heel divers. We kozen Baruch Maoz en Arnold Fruchtenbaum uit. Interessant in de visie van Maoz is dat de sjabbat voor hem heilig is maar dat hij geen religieuze betekenis toekent aan de wijze waarop hij de sjabbat viert. Voor hém is dit een uitvloeisel van zijn Joodse identiteit, een identitymarker.

Richard Harvey

Richard Harvey

Het spreekwoord twee Joden drie meningen geldt helaas, of gelukkig, het is maar hoe je het bekijkt, ook voor Messiasbelijdende Joden. En de Thora is een onderwerp waarover de meningen wel heel erg uiteenlopen. Sommigen beschouwen de Wet van Mozes als achterhaald. Jesjoea heeft immers een nieuw verbond ingewijd. Het oude is verdwenen. De offerwetten zijn vervuld in de Messias en de civiele wetten waren alleen van belang voor het oude Israël. Slechts de universele morele wetten, uiteengezet in de tien geboden, zijn nog van kracht. Het onderhouden van de Wet van Mozes is daarom een dwaalspoor, een ontkennen van Gods genade en van de rechtvaardiging door geloof alleen. Men herbouwt zo de scheidsmuur van Ef. 2:14. Dit is de opvatting van bijvoorbeeld Arnold Fruchtenbaum.

Shalom

Thea Ornstein

Shalom, wat een prachtig woord maar wat houdt het precies in? 

Het woord shalom komt in het O.T. 350 keer voor en in het N.T. als eirènè ca. 100 keer, waarbij we dit wel moeten lezen en begrijpen tegen de Oudtestamentische achtergrond. Meestal wordt het vertaald met vrede maar een enkele keer ook met veiligheid. Maar daarmee is de betekenis niet geheel uitgedrukt. Je kunt het ook vertalen met ‘heelheid’. Het staat dan in tegenstelling tot gebrokenheid, een woord dat in de tegenwoordige theologie veel gebruikt wordt. Bijvoorbeeld ‘de gebrokenheid van de schepping’ of ‘de gebrokenheid van ons bestaan’.

De Griekse denker bepaalt het liefste zelf wat goed of kwaad is

Pieter A. Siebesma

We horen het al vele jaren: we zouden moeten ophouden met Grieks denken en in plaats daarvan Hebreeuws gaan denken. Niemand legt ons alleen uit hoe dat moet.
Om die reden schreef Pieter Siebesma het boekje ‘Pas op voor de Grieken!’. Hij baseerde zich daarbij grotendeels op een boek van ds. Rottenberg uit 1934 ‘Het semitisme en de West-Europese volkeren’. Semitisme definieerde Rottenberg als: elkaar goed behandelen, in overeenstemming met wat de Bijbel ons toont over God. Hij voorzag dat met het opkomend antisemitisme Europa zou terugzinken in het barbaarse heidendom van voordat de Bijbel haar daaruit ophief. Hebreeuws denken is volgens Pieter in wezen hetzelfde als Rottenbergs semitisme.
Opvallend is dus dat ‘Hebreeuws denken’ niet zozeer iets te maken heeft met het denken maar met het doen en laten van de mens (red.).

Thea Ornstein

Denk niet dat Ik gekomen ben om de Wet of de Profeten af te schaffen ...

Lezen Matth. 5:17-20.

In dit gedeelte, volgend op de Bergrede, geeft Jezus zijn uitleg over de Wet en de Profeten. In de  Bergrede gaat het over gerechtigheid, maar over een andere dan die van de Farizeeën en Schriftgeleerden. Over  de Wet en de Profeten heeft Hij een totaal andere mening dan zij; en Hij is heel duidelijk over de toepassing daarvan in het dagelijks leven. Met de term Wet en Profeten wordt het hele Oude Testament aangeduid. Onder de Wet worden de vijf boeken van Mozes verstaan, de Torah. Wet is alleen een onjuiste en ongelukkige vertaling.

M. W. Eberlé-Gotlib

De vorige maand stelden we u in het vooruitzicht het antwoord van Revd. C.A. Schönberger op de vraag waarom het jodendom de Messias niet kan herkennen. In de tussentijd vonden we in het commentaar op de Romeinenbrief van Marjorie Eberlé-Gotlib een nog duidelijker uitleg.
Tegelijk laat het zien hoe rijk degenen zijn die het geloofswerk van Jesjoea op Golgotha naar waarde weten te schatten.
De gebruikte Bijbelvertaling is de Herziene Statenvertaling.

Golgotha

Thea Ornstein

Een vorige maand maakten we in ons blad het nieuwe jaarthema De vreugde van het Evangelie bekend. In het openingsstuk kwamen toen drie aspecten van deze vreugde aan bod.
De allergrootste en belangrijkste gebeurtenis die ons de meeste vreugde schenkt is, denk ik, Goede Vrijdag, de belangrijkste dag van het jaar; een dag die ons hele leven goed maakt. In het hele evangelie gaat het immers om onze verlossing en daar staat Golgotha garant voor. Dit is de kern, de eigenlijke boodschap: de verzoening van onze schuld.

Marjorie W. Eberlé-Gotlib

In een artikel dat ik "to be or not to be" noemde, vermeldde ik in 1966 dat wij niet meer 'in' waren; de Messiasbelijdende Joden waren toen helemaal uit de mode. Een tijd lang waren wij namelijk 'het gat in de markt' geweest voor dissertaties, pocketboeken, lezingen, bijeenkomsten, thema's voor conferenties en andere theologische verhandelingen. Maar nog steeds is de diepste oorzaak van de belangstelling die groepen of enkelingen in de christenheid voor ons koesteren, dezelfde. Wij zouden een verlossend woord kunnen hebben in de grote verwarring die steeds verder om zich heen grijpt in onze geseculariseerde tijd. Bij ons zou mogelijk het houvast te vinden zijn waarnaar men op zoek is. Daarom wil men ons nu weer 'zien staan', zoals dat tegenwoordig heet.

Marjorie W. Eberlé-Gotlib

Wij vertrouwen God soms zo weinig, we bidden wel om wonderen, maar durven vaak niet te geloven in gebedsverhoring. ‘Gebedsverhoring, dat zou te mooi zijn om waar te wezen’, zo redeneren we: Sint Nicolaas voor de surprises, maar dat mag niet van God worden verwacht! En toch lezen we in Mattheüs 7 over de gebedsverhoring:
“Bidt en u zal gegeven worden, zoekt en gij zult vinden, klopt en u zult opengedaan worden”
Een van de dingen waar wij allen aan lijden is het gebrek aan geloof in gebedsverhoring. Men wil zelf te werkgaan, zelf, helemaal volgens eigen idee en opvatting. Maar het enige wat God van ons wil is dat we het niet zelf doen, maar met Hem. Wij spreken wel van een hemelse Vader in Christus, maar als we ons aan onze aardse vaders zo weinig gelegen zouden laten liggen als aan Hem, zou de wereld er nog veel ontevredener en eenzamer uitzien, vrees ik.

Marjorie W. Eberlé-Gotlib

In zijn rede over de laatste dingen en ook elders in de evangeliën heeft Jesjoea zeer duidelijk voorzegd dat er grote moeilijkheden voor de joodse Messiasbelijders zouden komen. We lezen dat bijvoorbeeld in Johannes 16:2: 

“Men zal u uit de synagoge bannen; ja, de ure komt dat een ieder die u doodt zal menen Gode een heilige dienst te bewijzen.”

Citaten

Ik hoop dat de Geest van God mij zal bewaren om ooit iets boven of in plaats te stellen van het eeuwig-blijvend woord van God.


(Dr. A. Capadose, 1795-1874. Sefardisch-Joodse arts, vriend van Isaäc da Costa, behoorde tot het Réveil.

De bekering van Dr. A. Capadose, blz. 35)