Martha Gobetz

De Eeuwige heeft in de Thora allerlei aanwijzingen gegeven welk voedsel geschikt is om te eten en te drinken. De zogenoemde spijswetten of kasjroet. Het nakomen van deze wetten draagt nog steeds bij tot de eigenheid van het jodendom. Zelf ben ik niet opgevoed met het kasjroet. Wel bestond er bij ons thuis grote huiver voor het nuttigen van bloedworst en paling. Dit eet ik zelf nog steeds niet.

Rein en onrein

Richard Harvey

 “Door de redactie van Hadderech werd mij gevraagd een kort artikel te schrijven over mijn persoonlijke visie op kasjroet en hoe Joodse volgelingen van Jezus met de spijswetten zouden moeten omgaan. De vraagsteller wist misschien niet dat een van de redenen om hierover in mijn proefschrift te schrijven was dat ik zélf graag meer duidelijkheid wilde hebben over de vraag of ik al dan niet koosjer zou moeten eten.”

bord, bestek en vraagteken

Pieter A. Siebesma

Eén van de meest opvallende kenmerken van de Joodse godsdienst zijn de voedselwetten. Daarin onderscheiden orthodoxe Joden zich van de andere volkeren, omdat ze bijvoorbeeld geen varkensvlees en garnalen eten en andere dieren die in de Thora worden verboden. Ook het eten van bloed is verboden en als derde basisregel geldt het verbod om melk en vlees in één maaltijd te nuttigen. Voor de eerste twee is een duidelijke Bijbelse basis te vinden, maar de scheiding tussen melk en vlees is gebaseerd op een (nabijbelse) rabbijnse interpretatie van Ex. 23:19, dat je het bokje niet mag koken in de melk van de moeder.

Richard Harvey

Richard Harvey

Hoe denken Messiasbelijdende Joden over het vieren van de sjabbat? Dat is een van de vragen die Richard Harvey behandelt in het hoofdstuk ‘De Thora in de praktijk’ van zijn dissertatie. Diverse toonaangevende denkers passeren de revue. Hun opvattingen blijken heel divers. We kozen Baruch Maoz en Arnold Fruchtenbaum uit. Interessant in de visie van Maoz is dat de sjabbat voor hem heilig is maar dat hij geen religieuze betekenis toekent aan de wijze waarop hij de sjabbat viert. Voor hém is dit een uitvloeisel van zijn Joodse identiteit, een identitymarker.

Richard Harvey

Richard Harvey

Het spreekwoord twee Joden drie meningen geldt helaas, of gelukkig, het is maar hoe je het bekijkt, ook voor Messiasbelijdende Joden. En de Thora is een onderwerp waarover de meningen wel heel erg uiteenlopen. Sommigen beschouwen de Wet van Mozes als achterhaald. Jesjoea heeft immers een nieuw verbond ingewijd. Het oude is verdwenen. De offerwetten zijn vervuld in de Messias en de civiele wetten waren alleen van belang voor het oude Israël. Slechts de universele morele wetten, uiteengezet in de tien geboden, zijn nog van kracht. Het onderhouden van de Wet van Mozes is daarom een dwaalspoor, een ontkennen van Gods genade en van de rechtvaardiging door geloof alleen. Men herbouwt zo de scheidsmuur van Ef. 2:14. Dit is de opvatting van bijvoorbeeld Arnold Fruchtenbaum.

Shalom

Thea Ornstein

Shalom, wat een prachtig woord maar wat houdt het precies in? 

Het woord shalom komt in het O.T. 350 keer voor en in het N.T. als eirènè ca. 100 keer, waarbij we dit wel moeten lezen en begrijpen tegen de Oudtestamentische achtergrond. Meestal wordt het vertaald met vrede maar een enkele keer ook met veiligheid. Maar daarmee is de betekenis niet geheel uitgedrukt. Je kunt het ook vertalen met ‘heelheid’. Het staat dan in tegenstelling tot gebrokenheid, een woord dat in de tegenwoordige theologie veel gebruikt wordt. Bijvoorbeeld ‘de gebrokenheid van de schepping’ of ‘de gebrokenheid van ons bestaan’.

De Griekse denker bepaalt het liefste zelf wat goed of kwaad is

Pieter A. Siebesma

We horen het al vele jaren: we zouden moeten ophouden met Grieks denken en in plaats daarvan Hebreeuws gaan denken. Niemand legt ons alleen uit hoe dat moet.
Om die reden schreef Pieter Siebesma het boekje ‘Pas op voor de Grieken!’. Hij baseerde zich daarbij grotendeels op een boek van ds. Rottenberg uit 1934 ‘Het semitisme en de West-Europese volkeren’. Semitisme definieerde Rottenberg als: elkaar goed behandelen, in overeenstemming met wat de Bijbel ons toont over God. Hij voorzag dat met het opkomend antisemitisme Europa zou terugzinken in het barbaarse heidendom van voordat de Bijbel haar daaruit ophief. Hebreeuws denken is volgens Pieter in wezen hetzelfde als Rottenbergs semitisme.
Opvallend is dus dat ‘Hebreeuws denken’ niet zozeer iets te maken heeft met het denken maar met het doen en laten van de mens (red.).

Thea Ornstein

Denk niet dat Ik gekomen ben om de Wet of de Profeten af te schaffen ...

Lezen Matth. 5:17-20.

In dit gedeelte, volgend op de Bergrede, geeft Jezus zijn uitleg over de Wet en de Profeten. In de  Bergrede gaat het over gerechtigheid, maar over een andere dan die van de Farizeeën en Schriftgeleerden. Over  de Wet en de Profeten heeft Hij een totaal andere mening dan zij; en Hij is heel duidelijk over de toepassing daarvan in het dagelijks leven. Met de term Wet en Profeten wordt het hele Oude Testament aangeduid. Onder de Wet worden de vijf boeken van Mozes verstaan, de Torah. Wet is alleen een onjuiste en ongelukkige vertaling.

M. W. Eberlé-Gotlib

De vorige maand stelden we u in het vooruitzicht het antwoord van Revd. C.A. Schönberger op de vraag waarom het jodendom de Messias niet kan herkennen. In de tussentijd vonden we in het commentaar op de Romeinenbrief van Marjorie Eberlé-Gotlib een nog duidelijker uitleg.
Tegelijk laat het zien hoe rijk degenen zijn die het geloofswerk van Jesjoea op Golgotha naar waarde weten te schatten.
De gebruikte Bijbelvertaling is de Herziene Statenvertaling.

Golgotha

Thea Ornstein

Een vorige maand maakten we in ons blad het nieuwe jaarthema De vreugde van het Evangelie bekend. In het openingsstuk kwamen toen drie aspecten van deze vreugde aan bod.
De allergrootste en belangrijkste gebeurtenis die ons de meeste vreugde schenkt is, denk ik, Goede Vrijdag, de belangrijkste dag van het jaar; een dag die ons hele leven goed maakt. In het hele evangelie gaat het immers om onze verlossing en daar staat Golgotha garant voor. Dit is de kern, de eigenlijke boodschap: de verzoening van onze schuld.

Citaten

Toen rabbi Jitschak Meïr nog een kleine jongen was, bracht zijn moeder hem eens bij de maggid van Kosnitz. Toen vroeg iemand hem: Jitschak Meïr, ik geef je een daalder als je mij vertelt waar God woont. Hij antwoordde: “En ik geef je twee daalders als jij me kunt vertellen waar Hij niet woont


(Onbekend)