De Griekse denker bepaalt het liefste zelf wat goed of kwaad is

Pieter A. Siebesma

We horen het al vele jaren: we zouden moeten ophouden met Grieks denken en in plaats daarvan Hebreeuws gaan denken. Niemand legt ons alleen uit hoe dat moet.
Om die reden schreef Pieter Siebesma het boekje ‘Pas op voor de Grieken!’. Hij baseerde zich daarbij grotendeels op een boek van ds. Rottenberg uit 1934 ‘Het semitisme en de West-Europese volkeren’. Semitisme definieerde Rottenberg als: elkaar goed behandelen, in overeenstemming met wat de Bijbel ons toont over God. Hij voorzag dat met het opkomend antisemitisme Europa zou terugzinken in het barbaarse heidendom van voordat de Bijbel haar daaruit ophief. Hebreeuws denken is volgens Pieter in wezen hetzelfde als Rottenbergs semitisme.
Opvallend is dus dat ‘Hebreeuws denken’ niet zozeer iets te maken heeft met het denken maar met het doen en laten van de mens (red.).

Thea Ornstein

Denk niet dat Ik gekomen ben om de Wet of de Profeten af te schaffen ...

Lezen Matth. 5:17-20.

In dit gedeelte, volgend op de Bergrede, geeft Jezus zijn uitleg over de Wet en de Profeten. In de  Bergrede gaat het over gerechtigheid, maar over een andere dan die van de Farizeeën en Schriftgeleerden. Over  de Wet en de Profeten heeft Hij een totaal andere mening dan zij; en Hij is heel duidelijk over de toepassing daarvan in het dagelijks leven. Met de term Wet en Profeten wordt het hele Oude Testament aangeduid. Onder de Wet worden de vijf boeken van Mozes verstaan, de Torah. Wet is alleen een onjuiste en ongelukkige vertaling.

M. W. Eberlé-Gotlib

De vorige maand stelden we u in het vooruitzicht het antwoord van Revd. C.A. Schönberger op de vraag waarom het jodendom de Messias niet kan herkennen. In de tussentijd vonden we in het commentaar op de Romeinenbrief van Marjorie Eberlé-Gotlib een nog duidelijker uitleg.
Tegelijk laat het zien hoe rijk degenen zijn die het geloofswerk van Jesjoea op Golgotha naar waarde weten te schatten.
De gebruikte Bijbelvertaling is de Herziene Statenvertaling.

Golgotha

Thea Ornstein

Een vorige maand maakten we in ons blad het nieuwe jaarthema De vreugde van het Evangelie bekend. In het openingsstuk kwamen toen drie aspecten van deze vreugde aan bod.
De allergrootste en belangrijkste gebeurtenis die ons de meeste vreugde schenkt is, denk ik, Goede Vrijdag, de belangrijkste dag van het jaar; een dag die ons hele leven goed maakt. In het hele evangelie gaat het immers om onze verlossing en daar staat Golgotha garant voor. Dit is de kern, de eigenlijke boodschap: de verzoening van onze schuld.

Marjorie W. Eberlé-Gotlib

In een artikel dat ik "to be or not to be" noemde, vermeldde ik in 1966 dat wij niet meer 'in' waren; de Messiasbelijdende Joden waren toen helemaal uit de mode. Een tijd lang waren wij namelijk 'het gat in de markt' geweest voor dissertaties, pocketboeken, lezingen, bijeenkomsten, thema's voor conferenties en andere theologische verhandelingen. Maar nog steeds is de diepste oorzaak van de belangstelling die groepen of enkelingen in de christenheid voor ons koesteren, dezelfde. Wij zouden een verlossend woord kunnen hebben in de grote verwarring die steeds verder om zich heen grijpt in onze geseculariseerde tijd. Bij ons zou mogelijk het houvast te vinden zijn waarnaar men op zoek is. Daarom wil men ons nu weer 'zien staan', zoals dat tegenwoordig heet.

Marjorie W. Eberlé-Gotlib

Wij vertrouwen God soms zo weinig, we bidden wel om wonderen, maar durven vaak niet te geloven in gebedsverhoring. ‘Gebedsverhoring, dat zou te mooi zijn om waar te wezen’, zo redeneren we: Sint Nicolaas voor de surprises, maar dat mag niet van God worden verwacht! En toch lezen we in Mattheüs 7 over de gebedsverhoring:
“Bidt en u zal gegeven worden, zoekt en gij zult vinden, klopt en u zult opengedaan worden”
Een van de dingen waar wij allen aan lijden is het gebrek aan geloof in gebedsverhoring. Men wil zelf te werkgaan, zelf, helemaal volgens eigen idee en opvatting. Maar het enige wat God van ons wil is dat we het niet zelf doen, maar met Hem. Wij spreken wel van een hemelse Vader in Christus, maar als we ons aan onze aardse vaders zo weinig gelegen zouden laten liggen als aan Hem, zou de wereld er nog veel ontevredener en eenzamer uitzien, vrees ik.

Marjorie W. Eberlé-Gotlib

In zijn rede over de laatste dingen en ook elders in de evangeliën heeft Jesjoea zeer duidelijk voorzegd dat er grote moeilijkheden voor de joodse Messiasbelijders zouden komen. We lezen dat bijvoorbeeld in Johannes 16:2: 

“Men zal u uit de synagoge bannen; ja, de ure komt dat een ieder die u doodt zal menen Gode een heilige dienst te bewijzen.”

Marjorie W. Eberlé-Gotlib

In onderstaande brief van Marjorie W. Eberlé legt zij aan een vrouw die zij kende uit wat bekering is en hoe het leven er daarna uit ziet.

Als er kans is een uitstapje te maken of iets te doen wat ons aangenaam is, trachten wij alle bezwaren uit de weg te ruimen: “Waar een wil is, is een weg”, zeggen we dan. Maar als het de bekering betreft, dus geloven dat God je voor nu en de eeuwigheid behouden heeft (dat is dat je Zijn eigendom bent en Hij je blijft liefhebben en alles vergeeft), voor we dat simpelweg aannemen, zijn we onuitputtelijk in bedenkingen. Ik ga er enige noemen.

Citaten van Joodse christenen

Ik begon nu ook mijn zonden te voelen of, beter gezegd, mijn algehele ellende. Maar dit gevoel smolt weg in Gods liefde. Nu had ik in de Messias mijn leven gevonden.


(Dr. A. Capadose, 1795-1874. Sefardisch-Joodse arts, vriend van Isaäc da Costa, behoorde tot het Réveil.
Uit: de bekering van Dr. A. Capadose, blz. 50)